Vertical farming: the hype is over, reality has begun

Urban Crop Solutions (UCS) is al een dozijn jaar een voortrekker in de verticale binnenlandbouw. Het ontwerpt en bouwt installaties met verschillende groeilagen in containers, modules,… met focus op modulair maatwerk.

 

ENGINEERINGNET.BE – “We bouwen geen containers maar op maat. We beginnen met een wit blad en doen aan co-design. Projecten ‘à la tête du client’ zijn onze sterkte. We zoeken bovendien meer en meer de extremen op,” zegt CEO Jean-Pierre Coene.

Urban Crop Solutions startte in 2013 met enkele daktuin-experimenten maar koos bij de oprichting in 2014 voor schaalbare totaaloplossingen voor geïntegreerde en geautomatiseerde verticale binnenlandbouw. Twee jaar later, in februari 2016 opende het in Waregem zijn eerste en toen Europa’s grootste geautomatiseerde ‘urban farm’: met een voetafdruk van 90 m² en 8 groeilagen, goed voor samen 240 m² teeltoppervlakte.

De installatie deed proeven voor klanten, niet voor eigen commerciële teelten. Hetzelfde jaar opende UCS een verkoopkantoor in de VS. Er werd samengewerkt met Albert Heyn en IKEA. Bij Puratos bouwde UCS een ‘biosfeer’ van 225 m³ waarin graan onder kunstlicht rijpte op 60 in de plaats van 120 dagen op het veld en dat met slechts 5% van het water dat openluchtteelten vereisen. Geen herbicides noch pesticiden. De idee was met deze ‘inter-galactische technologie’ ooit naar Mars te trekken. Rond dit idee en initiatief kreeg UCS in 2021een prijs in Rusland van Roscosmos, het Russische ruimteagentschap. UCS nam ook deel aan het ‘SpaceBaker’ project met o.m. VLAIO.

Ten tijde van zijn 5de verjaardag had UCS  28 actieve projecten wereldwijd en lanceerde het zijn ‘researchcenter’. In 2022 deed de start-up Tiamat, dat bioreactoren en fermentatietechnologieën vervangt door planten om goedkoper bio-proteïnen te produceren, er zijn proeven. Ondertussen ging UCS samenwerkingsakkoorden aan met toeleveranciers van automatisatietoestellen. In 2023 lanceerde het zijn e-shop voor zaaigoed, substraten, reserveonderdelen en andere componenten voor verticale boerderijen.

Het leverde aan de research van BASF. In 2024 bouwde het Agrotopia bij Inagro (de REO Veiling Roeselare): drie torens van 10 m hoog met 18 bewegende teeltlagen elk. In 2025 bouwde het bij Inari in Nevele een nieuwe site om soja en maïs te veredelen. Coene: “We bouwden er twee kamers van 10 m bij 6 m en 4,2 m hoog. En we kregen er vier bijbesteld. Samen goed voor 780 m² grondoppervlak. Vandaag komt er veel vraag naar onze systemen uit regio’s die zich bedreigd voelen door de geopolitieke situatie in de wereld maar ook uit regio’s waar de klimaatverandering heel voelbaar wordt, zoals bepaalde eilandengroepen.”

In mei 2025 opende Inari in Zwijnaarde een nieuwe installatie die zijn binnengroei-capaciteit in de regio verdrievoudigt.  (Foto: ©UCS)

Indoor Vertical Farming (VF)

Een indoor Vertical Farming (VF) systeem is een “inox”-systeem. Planten groeien er in een clean, voeding gekeurd systeem zonder pesticides. Deze planten kunnen recht de mond in. Een VF-systeem werkt met lagen, plateaus die in de hoogte evolueren. Een carrousel. Elke teeltlaag komt met een eigen (LED)-belichting, verrijkt water,… UCS gebruikt Beckhoff-sturingen voor de vaak complexe matrix van licht, spectrum, irrigatie. “De bediening kan via een Windows platform. Alles loopt over de cloud (IXON). Inloggen en aansturen van de PLC’s kan wereldwijd vanop ‘wat dan ook’. “Eenvoud maakt goedkoper. Wij hebben een ‘online standby’ en kunnen over de schouder van de klant online meekijken.”

“Naar onderhoud toe, kunnen we via dezelfde weg alle setups, sensoren en metingen uitlezen en vergelijken met historieken. De data worden in een afgesloten cloud bijgehouden door en voor de klant.” AI wordt ingezet bij foutenanalyse en het opsporen van niet-frequent voorkomende fouten in de programmeercode. AI genereert ook afgeleiden van recepturen.

De bouwer gebruikt CAD-software die ook bij zijn partners -draai-, frees-,  plooi- en elektrische installatiebedrijven- loopt. De duurste componenten zijn de LED-lampen, sensoren en de klimatisatie. “Alles is mogelijk maar brengt het op? In het verleden was er veel overkill aan nice-to-have opties. We houden het graag zo eenvoudig mogelijk.” In kleinere farms doen de handjes nog steeds het werk. “Automatisering kost geld en wordt het best gradueel geïmplementeerd in functie van de noden. De beschikbaarheid en kost van arbeid en de kostprijs van de energie zijn de belangrijkste drivers in dit proces.”

ENGINEERINGNET.BE – “We bouwen geen containers maar op maat. We beginnen met een wit blad en doen aan co-design. Projecten ‘à la tête du client’ zijn onze sterkte. We zoeken bovendien meer en meer de extremen op,” zegt CEO Jean-Pierre Coene.

Urban Crop Solutions startte in 2013 met enkele daktuin-experimenten maar koos bij de oprichting in 2014 voor schaalbare totaaloplossingen voor geïntegreerde en geautomatiseerde verticale binnenlandbouw. Twee jaar later, in februari 2016 opende het in Waregem zijn eerste en toen Europa’s grootste geautomatiseerde ‘urban farm’: met een voetafdruk van 90 m² en 8 groeilagen, goed voor samen 240 m² teeltoppervlakte.

De installatie deed proeven voor klanten, niet voor eigen commerciële teelten. Hetzelfde jaar opende UCS een verkoopkantoor in de VS. Er werd samengewerkt met Albert Heyn en IKEA. Bij Puratos bouwde UCS een ‘biosfeer’ van 225 m³ waarin graan onder kunstlicht rijpte op 60 in de plaats van 120 dagen op het veld en dat met slechts 5% van het water dat openluchtteelten vereisen. Geen herbicides noch pesticiden. De idee was met deze ‘inter-galactische technologie’ ooit naar Mars te trekken. Rond dit idee en initiatief kreeg UCS in 2021een prijs in Rusland van Roscosmos, het Russische ruimteagentschap. UCS nam ook deel aan het ‘SpaceBaker’ project met o.m. VLAIO.

Ten tijde van zijn 5de verjaardag had UCS  28 actieve projecten wereldwijd en lanceerde het zijn ‘researchcenter’. In 2022 deed de start-up Tiamat, dat bioreactoren en fermentatietechnologieën vervangt door planten om goedkoper bio-proteïnen te produceren, er zijn proeven. Ondertussen ging UCS samenwerkingsakkoorden aan met toeleveranciers van automatisatietoestellen. In 2023 lanceerde het zijn e-shop voor zaaigoed, substraten, reserveonderdelen en andere componenten voor verticale boerderijen.

Het leverde aan de research van BASF. In 2024 bouwde het Agrotopia bij Inagro (de REO Veiling Roeselare): drie torens van 10 m hoog met 18 bewegende teeltlagen elk. In 2025 bouwde het bij Inari in Nevele een nieuwe site om soja en maïs te veredelen. Coene: “We bouwden er twee kamers van 10 m bij 6 m en 4,2 m hoog. En we kregen er vier bijbesteld. Samen goed voor 780 m² grondoppervlak. Vandaag komt er veel vraag naar onze systemen uit regio’s die zich bedreigd voelen door de geopolitieke situatie in de wereld maar ook uit regio’s waar de klimaatverandering heel voelbaar wordt, zoals bepaalde eilandengroepen.”

Onderzoek moet een hoger doel hebben
UCS is een installatiebouwer. Geen kweker of onderzoeksinstituut. Na vier jaar sloot het zijn eigen ‘research afdeling’ waar tot vijf onderzoekers en biologen aan de slag waren om recepturen te genereren en te testen voor klanten. “3.000 plus onderzoeken resulteerden in een 300-tal groeirecepturen. Maar een familie van een gewas volgt zowat steeds dezelfde receptuur. “Voortaan moet onderzoek een hoger doel hebben”, aldus CEO Coene. Het researchcenter wordt nu verhuurd aan bedrijven die de eerste onderzoeken willen uitvoeren zonder dat ze moeten investeren in een volledige installatie. Ook bedrijven die experimenteren met opkweek.  (foto: LDS)

De markten

‘Urban farming’ verwacht een jaarlijkse groei van bijna 12% tussen 2026 en 2033 (reliable research timelines). De motor: de stijgende vraag naar plantaardige producten, zowel voor voeding als voor grondstoffen in de industrie. Maar ook het lokale, versheid in geval van voedsel, een toenemend milieubewustzijn, de keuze voor duurzame praktijken bij de eindklant én doorbraken in de landbouwtechnologie met behulp van AI systemen. Maar de ‘installatie’ is vrij duur.

Om die kostprijs te drukken gingen Amerikaanse VF-telers tijdens Covid naar installaties van 5.000, 10.000 en zelfs 20.000 m². Ondanks de schaalvergroting bleef de kostprijs hoog en meldden nieuwe uitdagingen zich aan. Hoe groter de installatie, des te verder moet je product transporteren en ‘food miles’ zijn ook duur. “Als je in kleine compartimenten werkt en er gaat iets fout, kan je desinfecteren. Ondertussen kunnen de andere units blijven werken. Met een grote installatie dek je zo’n tegenslag niet af. Je bent een paar maanden uit de running”, zegt Coene. Mega-initiatieven gingen onderuit. “Het basisconcept van Indoor farming om te produceren waar er verbruikt wordt, moet behouden blijven.”

De commerciële focus van UCS gaat vandaag vier kanten op. Enerzijds is er landbouw met het oog op menselijke voeding. Een verbreding van die focus ziet Coene in het kweken van dierenvoeding (fodder). Een tweede focus: biotechnologische toepassingen voor onderzoek en productie naar plantaardige ingrediënten. Zo zijn er meer en meer biotech bedrijven die VF-systemen gebruiken om doorbraken te forceren naar een duurzamere gezondheidszorg. Door een volledige controle over het research- en productieproces opent dit nieuwe mogelijkheden voor deze industrie. Een derde sector: het kweken van zaad. “Seed breeding en speed breeding. Zoals bij klant Inari. We kunnen de groeisnelheid ‘verdubbelen’ én zeer precies kweken waardoor zaadontwikkeling tegenwoordig veel sneller verloopt dan in het verleden.” De vierde sector is ‘onderzoek’. “We kunnen kweekkamers leveren van klein tot groot op de specifieke eisen van de klant. Daarin kunnen we ontvochtigen, bevochtigen en koelen tegelijkertijd, in eender welke combinatie.” Uiteraard hebben specialekes een prijs.

Elk van deze sectoren kent zijn eigen uitdagingen. “In de farmasector is de fermentatietechnologie goed gekend. Ieder beweert echter dat productwinning via het inoculeren van planten beter presteert. Maar farma staat onder allerlei protocollen, certificaten,… en die zijn nu helemaal voor het fermentatieproces uitgewerkt. Voor de groei in planten moet dat hele proces overnieuw. Wie neemt dat op zich? Daarop kwam vooralsnog weinig reactie.”

Coene mikt op zeer gespecialiseerde projecten. Voor een Frans bedrijf bouwde hij een nat-drooginstallatie voor microalgen. Bij BASF in Duitsland bouwde UCS een researchunit die brandnetels kweekt. “Brandnetels zijn zeer resistent tegen pesticides. BASF ontwikkelt er nu natuurlijke pesticides.” Elders worden schimmels op suikerbieten gekweekt om sproeistoffen te ontwikkelen die de schimmelvorming moet voorkomen. “Maar ook in farming kunnen we veel betekenen”, aldus Coene. “Voor de aardbeikweker kunnen we de juiste plant kweken, tot en met de bestoven bebloeming. Polineren in de module en dan pas naar de serre.” Of plantaardappelen. “Die hebben een grote waarde.”

Voor het Franse biotechbedrijf Inalve bouwde UCS een duurzame microalgenteeltinstallatie voor dierenvoeding.   (Foto: ©UCS)

Verkopen is de uitdaging

“Vroeger telden we veel koppen en moesten we verkopen én verkopen om rendabel te zijn. Vandaag doen we het met een andere aanpak. In ons klein team analyseren we nu elk project en voor de realisatie gebruiken we een vaste equipe van onderaannemers,” zegt CEO Jean-Pierrre Coene.

Ook vandaag blijft de grote uitdaging voor Coene toch de verkoop. “Waar zitten de projecten?” Graag wil hij zijn wagonnetje bij grotere bedrijven aanhaken. Bijvoorbeeld bij koeltechnische bedrijven die vragen krijgen, maar geen kennis hebben van de andere aspecten van een kweekinstallatie. Of bij producenten van de groei-verlichting die vooral geïnteresseerd zijn in de verkoop van hun lampen maar niet in de installatie. Zo zijn er heel wat mogelijkheden bij bedrijven die als componentenleverancier de markt van de VF willen bestormen maar die geen bredere kennis hebben van de installaties.”

Energieprijs

Hoewel arbeidskosten het groter deel uitmaken van de operationele kost, klaagt men bij indoor vertical farming steevast over de energieprijs. “Kunstlicht kan je echter combineren met zonlicht”, merkt CEO van UCS Jean-Pierre Coene op. “Met ons hybride-systeem kunnen we tot 65% energie besparen.” Hij schetst een toren met teeltbakken van 200 bij 60 cm die rondlopen als een paternoster. Zonlicht en schaduw wisselen elkaar continu af. De toren is in verschillende zones ingedeeld. “We meten het licht per zone en lichten dan bij met LEDs.” Zo’n oplossing werkte UCS uit bij Inagro, samen met prof Kathy Steppe, van het laboratorium voor Plantecologie aan de UGent.

Op de foto boven: in 2024 bouwde UCS bij Inagro drie torens van 10 m hoog met 18 bewegende teeltlagen elk. (Foto: ©UCS)

29 May 2026